Het leven van Hansken eindigde op 9 november 1655 in Firenze (Italië) door een ontsteking aan haar poot, vermoedelijk als gevolg door uitputting en een slechte verzorging.
Een olifant voor de collectie van de groothertog
Ferdinando II de Medici, groothertog van Toscane, kocht het lijk voor zijn verzameling. Hij betaalde hiervoor 100 scudi en 2 dinari aan Cornelis Van Groenevelt. Hanskens lichaam werd gevild en ontleed. De botten werden in een speciale kuil gedaan om ze schoon te krijgen. De geprepareerde huid werd over een houten frame gespannen en het geraamte werd in elkaar gezet als onderdeel van de verzameling van de groothertog.
Hansken leeft voort
De huid ging uiteindelijk verloren, maar het skelet van Hansken is nog steeds te zien in de skelettenhal in het natuurhistorisch museum van de Universiteit van Firenze.
Als je binnenkomt op de tentoonstelling zie je centraal in de eerste exporuimte de exclusieve replica van de schedel van Hansken.


